Het nieuws dat Nederlandse politiemedewerkers gebruik zouden hebben gemaakt van omstreden software voor gezichtsherkenning zorgt al anderhalf jaar voor politieke deining. Het lukt demissionair minister Grapperhaus niet om helderheid te scheppen.

Auteur: Pieter Beens

Wanneer minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid in april 2020 de Kamervragen van Kathalijne Buitenweg (GroenLinks) beantwoordt, is hij stellig. Ja, hij kent de berichten over Clearview AI, een bedrijf dat gezichtsherkenningstechnologie ontwikkelt. Ja, volgens nieuwssite BuzzFeed News zou die ook door Nederlandse politiemedewerkers zijn gebruikt. En nee, dat is ‘niet wenselijk’.

Al na de eerste berichten daarover heeft de minister zich laten informeren, zo deelt hij verder mee. Toen bleek dat de politie ‘niet centraal is benaderd’ door Clearview AI, niet op de hoogte is van contacten met dat bedrijf en er geen producten heeft afgenomen. Case closed.

Althans, dat zou je denken. Maar anderhalf jaar na die eerste Kamervragen is nog steeds onduidelijk of de software van Clearview AI wel of niet in Nederland wordt gebruikt. De Nationale Politie mag dan volgens de minister geen contacten hebben met het bedrijf, volledig uitsluiten dat de software wordt gebruikt kan hij niet – en de politie evenmin.

Een grootschalige inventarisatie van het gebruik van gezichtsherkenningstechnologieën door gemeenten, waarbij ook wordt gekeken naar het gebruik van Clearview, loopt ook nog eens vertraging op vanwege het coronavirus en doordat niet duidelijk is onder welk departement het onderwerp valt. Want is dat nu Justitie en Veiligheid of Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties?

Minister Dekker (Rechtsbescherming) kan niet uitsluiten dat individuele politieagenten Clearview hebben gebruikt

In september van dit jaar beantwoordt demissionair minister Dekker van Rechtsbescherming nieuwe Kamervragen over het gebruik van de gezichtsherkenningssoftware. Hij kan niet uitsluiten dat individuele politieagenten Clearview hebben gebruikt, maar volgens een interne richtlijn van de politie mag dat niet. ‘Real-time gezichtsherkenning’ wordt op dit moment in Nederland niet gedaan, stelt Dekker. Twee weken later komt zijn collega Grapperhaus echter met een ‘herformulering’ van die laatste zinsnede: voor het gebruik van realtime gezichtsherkenning in de publieke ruimte is geen toestemming gegeven.

Documenten die – na maandenlange vertraging – na een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) worden vrijgegeven, schetsen bovendien een beeld van ambtenaren die gezichtsherkenningstechnologie met interesse volgen, maar niet goed raad weten met het onderwerp. Wat is er aan de hand?

Lees dit artikel verder bij Follow the Money …

Dit onderzoek werd op 25 november 2021 gepubliceerd door Follow the Money. Je kunt het hier lezen.

Share:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.